Direct contact? Bel: +31 33 4950004

Home > Nieuws & Blog > Hoeveel dagen werk jij?

Hoeveel dagen werk jij?

Hoeveel dagen werk jij?

Deze opmerking kreeg ik toen mijn kinderen net naar school gingen zeer regelmatig. Ik was net verhuisd en kwam op het nieuwe schoolplein in contact met andere moeders. Dan gaat het vaak over wat voor werk je doet. De eerste keer dat ik deze reactie kreeg, schrok ik er eerlijk gezegd best wel van. Is het echt veel? schoot er door mijn hoofd. Té veel? Deed ik mijn kinderen te kort? Was ik een slechte moeder?!

Het was echt niet zo dat ik er niet bewust over na had gedacht. Ik heb, toen ik zwanger was, bewust een keuze gemaakt voor 4 dagen werken. Ik hield (en houd) van mijn werk. Daarnaast krijg ik veel energie van mijn projecten, van het ontwikkelen van mezelf en van samenwerken.

De laatste tijd krijgen we steeds meer vragen van onze klanten over vrouwen en werk, vrouwen en doorgroeien. Ik ben van mening dat, als we leren omgaan met de interne en externe druk die er gelegd wordt op werkende vrouwen, we zelf de keuzes kunnen maken die bij ons passen. Niet vanuit schuldgevoel, verdediging, verwachtingen of andere druk, maar vanuit onszelf.

Zelf was ik niet voorbereid op de reactie van anderen. Ik haperde wat terug in de trant van: “Ja, ik euh.. In mijn werk is het niet handig om minder te werken… Uhm.. Dat kan daar niet... Euh… Mijn klanten …” En daar kwam ik mee weg, maar het bleef dan nog wel even in mijn hoofd ronddwalen.

Deze externe reacties leggen een druk op de keuzes die je maakt. Ze zeggen uiteraard veel over de verwachtingen van anderen, namelijk wat zij afwijkend achten en welk oordeel zij daarover hebben. Maar dit duidelijk ‘afwijkende gedrag, waarvoor je je moet verdedigen‘ maakt het soms lastig om achter je keuzes te blijven staan. Natuurlijk zet je vaak eerst je afweermechanismen aan en probeer je de oordelen te ontwijken of te relativeren. Maar het risico bestaat dat je gaat twijfelen aan de keuzes die je gemaakt hebt. Is dit wel het beste voor mijn kind, ben ik egoïstisch dat ik zoveel werk, kan ik niet beter tóch minder gaan werken?

Mijn afweermechanisme had ik na een tijdje ook ontwikkeld. Mijn standaard reactie werd: “Mijn man en ik hebben het verdeeld, we zijn allebei een dag thuis.” Dat bleek de goede reactie! Want het leidde vaak tot een goedkeurende knik en een ander onderwerp.

Kortom, ik behield op die manier de sociale contacten en de sociale goedkeuring. En dat zijn belangrijke menselijke behoeften die we hebben, zei ook Maslov al in zijn behoeftentheorie. Maar het begon wel te wringen en ging uiteindelijk ten koste van mijn zelfverwezenlijking. Die ook belangrijk is!

Naarmate ik het antwoord vaker gaf bemerkte ik namelijk een groeiende irritatie bij mezelf. Want ik had heel goed door dat ik mezelf en mijn keuzes aan het verdedigen was. En dat wilde ik helemaal niet.. Waarom heb ik een afwerende reactie nodig voor de oordelen van anderen?

Vanaf dat moment besloot ik mijzelf niet meer te verdedigen.  Iedere keer als ik een: “4 dagen, wat veel!” hoorde, antwoordde ik met: “Ja!” of: “Hoezo veel?” Niet dat dat de schoolplein gesprekken altijd gemakkelijker maakte. Wat ik merkte is dat veel mensen zich niet bewust zijn van hun eigen oordelen.  En door de vraag terug te stellen gingen ze hun eigen oordeel op zichzelf betrekken “voor mij zou dat te veel zijn, want ….“ of ondergeschikt maken “o nee, dat moet je natuurlijk zelf weten”.

Wat ik nodig had om mijn eigen ambities er te mogen laten zijn, was de realisatie dat ik niet alleen mijn eigen keuzes mag maken, maar ook oordelen vanuit de omgeving naast me neer kan leggen of mag bevragen. Want die oordelen zijn van anderen, niet van mij.

Voor mij voelde het veel beter om rechtop te staan voor mijn keuzes. Ik heb me de afgelopen jaren goed gevoeld bij die keuzes en het heeft me veel gebracht, privé en zakelijk. Natuurlijk is het soms nog steeds lastig om die balans goed te houden en conflicteren de verantwoordelijkheden soms. Maar ik weet in ieder geval dat ik op elk moment zelf opnieuw mijn keuzes mag en kan maken.